Het klikt aan de Vuurtorenweg

Den Haag – Zaterdagmorgen 1 februari 10.00 uur, de vuurtoren werpt geen schaduw want het regent, toch is de hele straat is uitgelopen. Wat is er aan de hand? Wethouder Karsten Klein komt op bezoek. Hij blijkt zeer welkom.

De bel gaat en de buurvrouw van nummer 12 doet open, kopje thee in de hand. ‘Ja, dat klopt wel, we kunnen het goed met elkaar vinden,’ beantwoordt Leonie Schelling de vraag van Klein of dit nou echt een prima straatje is. Het blijkt dat de komst van de wethouder zich heeft rondverteld, want in een mum van tijd staat de straat vol. ‘Vroeger was dit ‘op stand’ wonen,’ vertelt de oudste bewoner Piet de Graaf, geboren in de Pietermanstraat. ‘Er woonde een stuurman en een kuiper, maar nu woon ik er al 32 jaar!’ Veel bewoners van de Vuurtorenweg blijken eveneens van Scheveningse origine. ‘Mijn schoolreisje was vroeger met vader mee op de boot, drie weken op zee.’ Wat maakt dit nou zo’n gezellige straat?’  vraagt Klein. ‘We zorgen voor elkaar. Toen ik ziek was werd er naar mij omgekeken, ik vind dat geweldig,’ vertelt een buurvrouw. ‘De kinderen kunnen hier vrij op straat spelen, iedereen houdt een oogje in het zeil,’ vult Anneke van Nieuwenhuizen aan. Ze gooit haar voordeur open en nodigt de hele straat uit in de huiskamer. Aan tafel overhandigt wethouder Klein een taart en het bordje ‘Zorgzame Haagsche Burger’ aan de aanwezige buren en prikt met zijn vork in de slagroom.  ‘Ik wil jullie feliciteren met deze fijne straat, maar hebben jullie ook wensen?’ Dat blijkt het geval. ‘In de zomer staat het hier bomvol met auto’s van badgasten, we willen graag betaald parkeren.’ Zoiets hoort een Haagse collegelid niet vaak. Wethouder Klein aarzelt dan ook niet deze informatie mee te nemen naar zijn collega, verkeerswethouder Peter Smit.